zondag, 24 september 2017
Vraag Rijk
Online Schrijfhulp

Waarom oefenen (liefst oude) fabrieken zo'n aantrekkingskracht uit op design? Kijk naar de Van Nelle-fabriek in Rotterdam waar ontwerp- en architectenbureaus gevestigd zijn. Kijk naar de Witte Dame in Eindhoven waarin een designacademie zit, naast een grote speler op de wereldmarkt van de industriële design, Philips Corporate Design. Kijk naar de oude mijn- en cokesgebouwen in het Roergebied. Het zijn allemaal magneten voor designinitiatieven, -bureaus en -opleidingen.

Denk aan de Gasometer in Oberhausen, waarin bijvoorbeeld Bill Viola zijn Five Angels toonde, of aan de Zeche Zollverein in Essen, een mijn en een cokesfabriek van enorme afmetingen die nu buiten werking zijn. Het was een van de grootste mijnexploitaties ter wereld, vormgegeven in Bauhaus-stijl door de architecten Fritz Schupp en Martin Kremmer in opdracht van grootindustrieel Haniel. Nu zijn hier tentoonstellingen, theater-, muziek- en balletopvoeringen en een designcentrum dat het grootste ter wereld wil worden.

Denk aan de Neue Mitte in Duisburg, de Innenhafen herbouwd in de stijl van het Java-eiland in Amsterdam, waar nu het museum Küppersmuhle de Neue Wilden toont die de Duitse erfenis van de laatste oorlog op doek en in brons en hout verwerken, naast cafeetjes aan de Hafen in gerestaureerde pakhuizen. Of aan het Landschaftspark Duisburg Nord waar de oude hoogovens van magnaat Thyssen - met alles wat daarbij hoort - vrij toegankelijk zijn als een levend museum.

Nu kun je duiken in de gasometer waarin vroeger de verbrandingsgassen werden opgeslagen, klettern en abseilen in de oude bunkers voor ijzererts, eten in het Schalthaus, en voorstellingen bekijken in de overgebleven fabrieksgebouwen.

Begon het misschien als opportunisme (lekker goedkope huisvesting) en werd het dankzij het succes van de designinitiatieven een trend? Is het de nostalgie (die ook niet meer is wat het ooit geweest is), het verlangen naar oud, stoer en recht-door-zee, Bauhaus en functionele architectuur? Is het ooit begonnen met de kale lofts, de leegstaande warehouses en factories waar eertijds arme kunstenaars en zelfstandige ontwerpers neerstreken omdat ze geen geld hadden voor andere woon- en werkruimte, architectuur die nu in zijn eerlijke ruimtebeslag en ruwe afwerking gewild woonobject en trendy kantoorlocatie vormt?

Of is het de eerbied voor ons industriële verleden, het respect voor de grondslag van de westerse welvaart, de gebouwen waarvan we de functionele bouwwijze nu als rijke architectonische archeologie beschouwen? Of is het gewoon omdat die oude gebouwen zo eerlijk vertellen waar ze voor staan en daarom zo ontwapenend mooi zijn?