maandag, 25 september 2017
Vraag Rijk
Online Schrijfhulp
Social media voor de provinciale overheid

Hoe kunnen we zelf aan de slag gaan met social media? Wat zijn de spelregels daarbij? Hoe kunnen we social media inpassen in onze eigen communicatie? Wie zijn de nieuwe spelers in het speelveld van de hedendaagse communicatie?

Dat waren vragen die centraal stonden bij de drie workshops die wij van LaVerbe voor de Provincie Limburg de afgelopen maand organiseerden in samenwerking met de afdeling Communicatie. En dat allemaal in het prachtige gebouw van het Gouvernement.

Van zenden via participatie naar conversatie

We weten het allemaal. Organisaties communiceerden van oorsprong allemaal met het zender-ontvangermodel. De boodschap moest klaar en duidelijk naar de ontvanger. Dan kwam alles goed. Als je het goed deed, tenminste. Communicatiegeleerden konden je uitleggen hoe je dat moest doen.

Toen gingen de ontvangers terugpraten. De participatie was begonnen. Eerst via telefoon, toen via mail. Later via alle reactiemogelijkheden die de organisaties aanboden: van commentaren tot polls. Dat stelde aanvullende eisen aan de organisaties. De backoffice moest bemand worden. Met mensen die de reacties op konden vangen en ervoor konden zorgen dat ze beantwoord werden. Best even wennen. Maar ook een kans.

Hoog in Google met links via social media

Twitteren over een blog-artikel zorgt voor een hogere plaats in de zoekresultaten van Google, net zoals het sharen van zulke artikelen via Facebook en andere social media zoals Stumbleupon. Sinds kort krijgen deze social media-links van Google een plek op de eerste pagina van de organische zoekresultaten, of je nu ingelogd bent in Google of niet.

Voorheen stonden zulke social media-links onderaan in de zoekresultaten; nu krijgen ze een voorkeursplek. Goed nieuws, dus. Het betekent dat je een webpagina - en een website - nog gemakkelijker kunt opstuwen in de zoekresultaten zonder al te grote investeringen.

Het blijft natuurlijk wel van belang dat je de artikelen die je schrijft zoekmachinevriendelijk maakt. Bijvoorbeeld door een sprekende url en titel. Ik nam de proef op de som...

Aggregatie, visualisering en linken voor toegankelijke kennis

Kennis was macht, toen de hoeveelheid kennis nog behapbaar was. Inmiddels komen we allemaal om in de kennis. Er is zoveel dat we maar heel moeilijk kunnen kiezen. De perplexiteit - de informatiewaarde van de onderdelen van het systeem - is zo klein dat we geen goede keuze kunnen maken: we staan perplex.

Kennis delen is macht, dat is nu het devies. Maar hoe daarbij om te gaan met die enorme hoeveelheid kennis? Hoe te kiezen? En, hoe anderen helpen te kiezen? Er zijn drie sleutels.

Social media: alleen regels voor ontwetenden

Regels zijn voor kinderen, die nog niet alles weten en de gevaren nog niet kennen. Regels voor het gebruik van social media uitgevaardigd voor medewerkers, zijn een teken van onvoldoende kennis van die middelen. Bij de gebruikers en bij directies.

Social media voor echte publieksparticipatie

Overheden zijn van oudsher gewend om te zenden: het publiek vertellen hoe de vork in de steel steekt. Maar toen het publiek ging antwoorden was dat even wennen. Hoe om te gaan met die onverwachte participatie van het publiek? Overheden konden er niet meer omheen en ze gingen - zij het onwennig - het gesprek aan. De interactieve beleidsvorming was geboren.

Toen gebeurde er iets waarop niet alle overheden tot dan toe een antwoord hadden: de conversatie speelde zich bijna volledig buiten hun bereik af, en had veelal grote impact. Wat nu te doen, nu zij niet meer het centrum van het beleidsuniversum zijn?

Laat klanten en medewerkers over jouw organisatie praten

Steven van Belleghem, de auteur van De Conversation Manager, is op zoek naar tips om klanten en opdrachtgevers - en ook de medewerkers - te laten converseren over jouw dienstverlening. Immers, wat anderen over jouw dienstverlening zeggen, weegt zwaarder dan wat je er zelf over zegt. En als dat online gebeurt, verbetert dat je online reputatie en je vindbaarheid op internet alleen maar.

Act natural

Het publiek heeft publiek. Als we, zeg, 100 mensen toespreken, dan bereiken we een publiek van 100 publieken, of misschien wel exponentieel veel meer.

Niet alleen wordt de boodschap tussen de leden van het publiek gedeeld - als deze interessant genoeg is - maar ook met de achterban van elk lid van het betreffende publiek. Als we het goed doen, tenminste.

Wat hebben sociale netwerken met epidemieën?

De waarde van een netwerk gelijk is aan het kwadraat van het aantal knopen (n). Preciezer: het aantal verbindingen in een netwerk, dat is n(n - 1), ofwel n2 - n. Metcalfe leidt dit oorspronkelijk af uit een netwerk van apparaten die alle met elkaar verbonden zijn.

Voor een sociaal netwerk geldt een waarde die in de praktijk lager is. Immers, niet alle knopen zijn met elkaar verbonden. De waarde van Metcalfe is de potentiële waarde en niet de werkelijke waarde. Die kan niettemin flink oplopen, maar die is in de praktijk niet exponentieel.

Een betere inschatting van de waarde van een sociaal netwerk kun je dus maken door het aantal verbindingen te tellen en daar de kosten af te trekken van alle knopen bij elkaar. Dus, het aantal links minus het aantal deelnemers. Maar het gaat nog verder...

8 redenen mensen soms betalen voor content

Kevin Kelly van Wired magazine schreef een artikel over de samenhang van gratis content op het web met content waarvoor mensen willen betalen. Via de social media geven we veel weg. En dat is goed. Content is voor iedereen bereikbaar, gratis. Wie iets op deze manier deelt, doet dat om vertrouwen te creëren, aandacht te krijgen voor een onderwerp of een website, jezelf of jouw bedrijf te profileren…

Maar wat blijft er dan nog over om zaken mee te doen? Kevin Kelly noemt 8 redenen waarom mensen graag iets betalen.